Besturen met oogkleppen: hoe het gemeentehuis van Alphen zijn eigen mensen kapotmaakt

Buikpijn. Dat is geen metafoor meer, dat is een symptoom. Wie anno 2026 met buikpijn naar het gemeentehuis van Alphen aan den Rijn gaat, werkt niet bij een overheid — maar in een falend systeem dat zijn eigen mensen langzaam uitwringt.
Wat zich hier afspeelt is geen ‘ongelukkige samenloop van omstandigheden’, geen communicatieprobleem en al helemaal geen incident. Dit is structureel bestuurlijk onvermogen, verpakt in nette woorden, lege mails en vooral: laf stilzwijgen.
Ambtenaren voelen zich onveilig. Niet door boze burgers of agressie op straat, maar door hun eigen organisatie. Mensen nemen ontslag omdat ze het mentaal niet meer trekken. Opdrachten blijven liggen, informatie wordt achtergehouden en wie vragen stelt, krijgt tegenwerking. En wat doet het bestuur? Het vergadert. Zonder verslag. Zonder openheid. Zonder lef.
Tien maanden lang lagen klachten te verstoffen. Tien maanden waarin bestuurders wisten dat het mis was — en besloten om niets te doen. Of beter gezegd: om het probleem administratief te laten verdampen. Want als je niets opschrijft, bestaat het blijkbaar ook niet.
De hypocrisie druipt ervan af. Afdelingen die verantwoordelijk zijn voor zorg en welzijn blijken zelf vergiftigde werkvloeren te hebben. Medewerkers die professioneel om verbetering vragen, krijgen halfbakken brieven terug of de boodschap: “Typ het zelf maar.” Dat is geen samenwerking, dat is minachting.
En dan die dooddoener van bestuurders die “geen behoefte hebben aan commentaar”. Dat is geen neutraliteit, dat is angst. Angst om verantwoordelijkheid te nemen. Angst om fouten te erkennen. Angst om te leiden.
Een gemeente hoort een veilige werkgever te zijn. Een plek waar professionaliteit wordt gerespecteerd en waar problemen worden opgelost, niet weggemoffeld. In Alphen lijkt het tegenovergestelde waar: wie te kritisch is, wordt genegeerd. Wie te lang volhoudt, brandt op. Wie het niet meer aankan, vertrekt — en laat een nog grotere puinhoop achter.
Dit is geen personeelsprobleem. Dit is een leiderschapscrisis.
Zolang bestuurders liever hun reputatie beschermen dan hun medewerkers, blijft het gemeentehuis geen huis van vertrouwen, maar een broeikas van wantrouwen. En zolang niemand het aandurft om hardop te zeggen: dit is mis, zal Alphen blijven besturen met oogkleppen — ten koste van de mensen die het werk daadwerkelijk doen.
Buikpijn is geen bijwerking meer.
Het is het beleid.

Van de (lokale) pers mag verwacht worden dat ze doorvraagt, ook als het hinderlijk is.
Want vragen dienen immers niet alleen gesteld maar ook beantwoord te worden en die antwoorden dienen gegeven te worden door degenen die ze veroorzaken. Zeker als die personen in dienst van DE BURGERS zijn. Ambtenaren, wethouders, raadsleden…het zijn slechts werknemers, in dienst van en BETAALD DOOR de gemeenschap en de gemeenschap DAT ZIJN WIJ. Elke euro die ze “verdienen” en elke euro die ze uitgeven (verkwisten) is door ONS HARDE WERKEN betaald. Niets meer, niets minder.
Het probleem is alleen dat ze zich dat niet willen beseffen en in hun arrogantie denken dat ze boven degenen staan door wie ze betaald worden. Feitelijk te zot voor woorden.
En hoe dat komt? Simpel, omdat niemand echt kritische vragen stelt en de, domme lokale, pers straks weer vol vreugde (zoals ook hier met het “verkiezingsprogramma van de VVD) ruimte geeft om ze, zonder enig kritisch vermogen, hun verkiezingssprookjes voor de komende jaren te vertellen. De pers die straks weer enthousiast de opperzwammers gaat bevragen over hun “goede plannen” voor “de burger” en degenen die het best konden liegen, de zgn “winnaars” ,gaan feliciteren.
En winnaars zijn ze allemaal, de winnaars omdat ze wonnen, degenen die gelijk bleven omdat ze verwacht hadden te verliezen en de verliezers omdat ze verwacht hadden meer te verliezen dan ze deden oftewel ze hebben het àllemaal weer fantàstisch gedaan.
De pers, die volop ruimte biedt voor de enorme zelfingenomenheid van deze, zelfreflectieloze, schertsfiguren.
En dat terwijl er zòveel te vragen is want ;
- Waarom stapte van Ham ineens op nadat hij van de gemeente een financiële puinhoop had gemaakt?
- Wat was er nu ècht waar van de beschuldiging van Noordermeer inzake dat “lekken”
- Wie was hoofdschuldige aan de verziekte werksfeer die werknemers deed opstappen
- Waarom horen we niets meer over het onderzoek tegen Breeuwsma en waarom is hij nu ineens “lijstduwer” ( dus laatste op de lijst )
- Waarom heeft een gemeente die moet bezuinigen nog steeds zoveel idiote vacatures
- Wat kwam er, per partij, terecht van de beloften gemaakt tijdens de vorige campagnes
- Hoe durven ze zich nog op straat te vertonen tijdens de campagnes
- Waarom blijven ze zo trots op AZC’s, statushouders-voorrang etc.etc
- Waarom drammen ze die zero-emissie zone erdoor terwijl heel Alphen tegen is
- Hoe kan het dat Alphen vervuilt terwijl de inwoners toch 30% meer reinigingsrechten moeten betalen
- Hoeveel gaat de gemeente zèlf intern besparen aan personeel, onderzoeken, consultants en uiteraard “renovatiekosten”
Vooral de personen die verantwoordelijk zijn voor alle ellende, oftewel de onvolprezen wethouders en raadsleden zouden tot “stalkens-toe” bevraagd moeten worden.
Maar nee, verder dan constateren komt de pers niet terwijl heel Alphen wacht op antwoorden op al deze “retorische” vragen.
Een werkgever, en in het geval van ambtenaren zijn WIJ dat, heeft het volste recht om aan zijn WERKNEMERS antwoorden te eisen als er sprake is van disfunctioneren. Zie de pers dan maar als vertegenwoordiger van de werkgever.
Het kan toch niet zo zijjn dat diè teruggaat naar zijn baas met de mededeling dat de betrokken persoon “geen behoefte had aan commentaar”. Een journalist die daar genoegen mee neemt kan beter zelf bij de gemeente gaan werken.
De opmerking “geen behoefte aan commentaar” is de meest flagrante uiting van minachting voor zowel de burger als de pers…en daar neemt de pers dan genoegen mee?
Dan ben je niet meer dan “slippendrager der elite”.
In dergelijke gevallen kunnen de columns beter niet geschreven worden want bij de burger wekken ze gevoelens van onvrede op en de bestuurders…die lachen erom want “in de krant van vandaag verpakt men morgen de vis”.