Column - Wie weinig heeft, wordt opnieuw geraakt: het beleid van het nieuwe kabinet

Het nieuwe kabinet moet nog een voet over de drempel zetten in Den Haag.
En toch is het al glashelder wat er gaat gebeuren: de zwaksten in onze samenleving zullen de rekening betalen. Niet misschien, niet bij toeval, maar bewust, gepland, en volledig incalculeerbaar in hun nadeel.
In Alphen aan den Rijn leven 2.300 mensen onder de armoedegrens. Daaronder meer dan 100 kinderen, gezinnen die elke dag worstelen om eten, energie en zorg te combineren. 1.300 huishoudens zitten vast in energiearmoede, terwijl de winter en de stijgende prijzen hen geen genade tonen. Dit zijn geen statistieken, dit zijn mensenlevens die op de rand staan van financiële instorting.
En wat doet het nieuwe kabinet? Voorstellen op tafel leggen die rechtstreeks deze mensen treffen: een extra belasting voor defensie, een hoger eigen risico in de zorg, een kortere werkloosheidsuitkering, en minder vergoedingen voor medicijnen en thuiszorg. Voor iemand met een buffer is dit vervelend. Voor wie al nauwelijks rondkomt, is dit een slag in het gezicht, een klap die alles omver kan werpen.
Laten we dit kristalhelder zeggen: dit kabinet weet precies wie het raakt. Dit is niet “ongelukkig beleid” of een “bijwerking van keuzes”. Dit is beleid dat opzettelijk de kwetsbaarsten treft, verpakt in keurig jargon en cijfers. Het is een keiharde boodschap: wie weinig heeft, is politiek veilig om te raken. Wie zwak staat, betaalt de prijs.
Nibud, gemeenten, hulporganisaties — ze waarschuwen allemaal. Ze zeggen: dit beleid gaat mensen kapotmaken. Maar het kabinet? Het moet nog beginnen. Toch is de boodschap al duidelijk: incalculeer schade, druk de zwaksten door de economische maalstroom, en rek de begroting uit op hun ruggen. Dat is geen vergissing. Dat is moreel failliet op papier.
De hypocrisie is verbluffend. Woorden als “solidariteit”, “rechtvaardigheid” en “menselijke maat” worden gebruikt terwijl het beleid het tegenovergestelde doet. Dit kabinet zegt dat het de samenleving beschermt, maar het breekt haar systematisch af. Mensen die zorg nodig hebben, mensen die werkloos zijn, mensen die geen buffer hebben — zij zijn de pionnen in een politiek schaakspel dat hun bestaan dreigt te vernietigen.
En het cynisme gaat verder: gemeenten mogen het oplossen met minimaregelingen. Een pleister op een open wond. Een doekje voor het bloeden terwijl het mes diep in de rug van de bevolking wordt gezet. Landelijk slopen, lokaal plakken — dat is het plan. En iedereen die zegt dat dit “helpt”, kijkt weg van de werkelijkheid.
Laat dit duidelijk zijn: dit kabinet kiest bewust voor armoede. Voor angst. Voor stress. Voor gezinnen die elke dag moeten rekenen of ze de maand overleven. En dat terwijl ze nog niet eens begonnen zijn.
De vraag is niet of de armoede in Alphen aan den Rijn zal stijgen. Dat doet het onvermijdelijk. De vraag is hoe hard het gaat, en hoeveel gezinnen het kabinet dit jaar al zal breken zonder dat iemand iets doet.
Dit is geen beleid. Dit is een waarschuwing. Een voorspelling van een regering die haar morele kompas heeft afgegeven. En wie denkt dat dit anders zal lopen, kijkt te lang naar mooie woorden en te kort naar de mensen die al lijden.
Nog voordat dit kabinet een werkdag heeft gehad, staat het vast: de zwaksten worden opnieuw gestraft, systematisch en met volle overtuiging.
Dit is geen nieuw begin. Dit is het vervolg van een oude politiek van vernieling, en Alphen aan den Rijn staat al in de frontlinie.
