De gemeente Alphen aan den Rijn onderzoekt de aanleg van warmtenetten als oplossing voor de toenemende druk op het elektriciteitsnet en de geplande woningbouw. Vanaf 1 juli 2026 mogen netbeheerders wachtlijsten instellen voor nieuwe stroomaansluitingen, wat de bouw van nieuwe woningen kan vertragen. Om dat te voorkomen kijkt de gemeente naar alternatieven voor volledig elektrische verwarming.
Alphen aan den Rijn heeft omvangrijke woningbouwplannen, onder meer in de Gnephoek, Rijnhaven-Oost en Ridderveld. In totaal gaat het om duizenden nieuwe woningen die naast een stroomaansluiting ook een duurzame warmtevoorziening nodig hebben. Door de beperkte ruimte op het elektriciteitsnet is een all-electric oplossing niet overal haalbaar.
Een warmtenet kan volgens de gemeente uitkomst bieden. Via ondergrondse leidingen wordt warm water naar woningen vervoerd, waarbij gebruik wordt gemaakt van lokale bronnen zoals aardwarmte, oppervlaktewater of restwarmte. Ook warmte uit de Oude Rijn of de Rijnhaven kan hiervoor worden benut.
Volgens de gemeente zijn warmtenetten met name geschikt voor dichtbebouwde gebieden en oudere wijken. Ze vragen minder elektriciteit dan individuele warmtepompen en ontlasten daarmee het stroomnet. Dat maakt het mogelijk om zowel bestaande woningen van het gas af te halen als nieuwe woningen aan te sluiten.
De gemeente benadrukt dat zij voorzichtig te werk gaat, mede vanwege negatieve ervaringen met warmtenetten in andere gemeenten. In sommige gevallen liepen projecten daar uit de hand door hoge kosten of vertragingen. Alphen aan den Rijn start daarom eerst met een onderzoek naar de rol van de gemeente in een mogelijk warmtebedrijf, met aandacht voor betaalbaarheid, betrouwbaarheid en duurzaamheid.
Wethouder Gert van den Ham (Duurzaamheid) stelt dat pas wordt geïnvesteerd als de financiële onderbouwing klopt en de risico’s beheersbaar zijn. “We willen zekerheid over een betrouwbare en betaalbare warmtevoorziening, nu en in de toekomst. Het doel is dat iedere inwoner uiteindelijk kan overstappen op een passende duurzame warmteoplossing,” aldus de wethouder.

