FVD stelt vragen over landelijke opvangactie voor statushouders: welke afspraken zijn er in Alphen aan den Rijn?
Foto: Ter illustratie
ALPHEN AAN DEN RIJN – Forum voor Democratie (FVD) wil van het Alphense college van burgemeester en wethouders weten welke gevolgen de landelijke Actie Onderdak kan hebben voor de gemeente. Raadslid Claudia Arnoldus heeft hierover op 20 oktober schriftelijke vragen ingediend. Ze vraagt onder meer of Alphen aan den Rijn afspraken heeft gemaakt met de initiatiefnemers, welke rol de gemeente krijgt en hoe wordt gegarandeerd dat statushouders na drie maanden weer andere huisvesting vinden.
De vragen volgen op de landelijke start van Actie Onderdak op dinsdag 20 oktober. Een brede coalitie van kerkelijke organisaties roept plaatselijke kerken en geloofsgemeenschappen op om statushouders tijdelijk onderdak te bieden. Het gaat vooral om gezinnen die al een verblijfsvergunning hebben, maar nog wachten op een woning in de gemeente waaraan zij zijn gekoppeld.
Volgens de initiatiefnemers moet de actie bijdragen aan het verminderen van de druk op de asielopvang. Statushouders die hun verblijfsvergunning hebben gekregen, blijven soms nog langere tijd in een asielzoekerscentrum omdat er geen woning beschikbaar is. Door hen tijdelijk elders onder te brengen, kunnen opvangplaatsen vrijkomen voor mensen die nog in de asielprocedure zitten.
Kerken gevraagd drie maanden onderdak te bieden
Actie Onderdak is een initiatief van de Raad van Kerken in Nederland, de Protestantse Kerk in Nederland en de Rooms-Katholieke Kerk. Ook andere kerkelijke organisaties ondersteunen de oproep. Lokale geloofsgemeenschappen wordt gevraagd te bekijken of zij gedurende maximaal drie maanden ruimte beschikbaar kunnen stellen.
Dat kan bijvoorbeeld in een leegstaande pastorie, een kerkelijk bijgebouw, een woning of een vakantiewoning. Het idee is dat gezinnen in die periode alvast hun nieuwe woonomgeving leren kennen, terwijl zij wachten op reguliere huisvesting.
De landelijke initiatiefnemers hebben het plan uitgewerkt met het ministerie van Asiel en Migratie en het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA). Ook stichting INLIA, die ervaring heeft met de opvang en begeleiding van mensen zonder eigen woonruimte, ondersteunt de uitvoering.
De Protestantse Kerk heeft bekendgemaakt dat met het ministerie, het COA en lokale gemeenten afspraken zijn gemaakt over het tijdelijke karakter van de opvang. Het verblijf bij een deelnemende kerk zou na maximaal drie maanden moeten eindigen.
Juist over die afspraken wil FVD duidelijkheid van het Alphense gemeentebestuur.
Heeft Alphen afspraken gemaakt?
Arnoldus vraagt het college of de gemeente Alphen aan den Rijn voorafgaand aan de landelijke bekendmaking over Actie Onderdak is geïnformeerd of benaderd. Daarbij noemt zij onder meer het ministerie, het COA, INLIA en de Raad van Kerken als mogelijke gesprekspartners.
Ook wil zij weten of de gemeente inmiddels afspraken heeft gemaakt, toezeggingen heeft gedaan of medewerking heeft toegezegd.
Een belangrijk punt is de garantie dat het tijdelijke verblijf daadwerkelijk na drie maanden eindigt. Volgens de landelijke communicatie van de Protestantse Kerk zijn hierover waarborgen verkregen van onder meer lokale gemeenten. FVD wil weten of Alphen aan den Rijn zo'n garantie heeft afgegeven of is gevraagd dat te doen.
Als dat het geval is, vraagt de fractie wat die garantie concreet inhoudt en welke verantwoordelijkheid de gemeente daarbij op zich neemt.
Uit de schriftelijke vragen blijkt niet of Alphen aan den Rijn daadwerkelijk aan de actie deelneemt. Ook is daarmee nog niet vastgesteld of plaatselijke kerken zich al hebben aangemeld.
Welke kerken doen mee?
De fractie wil daarnaast weten of het college zicht heeft op kerkelijke gemeenten, parochies en andere geloofsgemeenschappen in Alphen aan den Rijn die voor deelname zijn benaderd of daarvoor belangstelling hebben.
Als er mogelijke locaties zijn, vraagt Arnoldus om inzicht in het aantal beschikbare plekken en de huishoudens die daar eventueel terechtkunnen.
Ook wil zij weten of de gemeente zelf een rol speelt bij het benaderen van geloofsgemeenschappen. Daarbij vraagt ze of de oproep beperkt blijft tot kerkgenootschappen die bij Actie Onderdak zijn aangesloten, of dat ook andere religieuze en maatschappelijke organisaties met geschikte locaties kunnen deelnemen.
Vooralsnog is uit de beschikbare informatie niet duidelijk hoeveel opvangplekken in Alphen aan den Rijn beschikbaar zouden kunnen komen.
Alleen voor statushouders die aan Alphen zijn gekoppeld?
Een ander punt betreft de selectie en plaatsing van de tijdelijke bewoners. Arnoldus vraagt of de gemeente betrokken is bij de keuze van statushouders die via Actie Onderdak in Alphen aan den Rijn onderdak zouden krijgen.
Ook wil FVD weten of uitsluitend mensen in aanmerking komen die al aan Alphen aan den Rijn zijn gekoppeld, of dat ook statushouders die aan een andere gemeente zijn toegewezen tijdelijk in de gemeente kunnen worden gehuisvest.
Dat onderscheid is van belang voor de vraag hoe de tijdelijke opvang zich verhoudt tot de gemeentelijke verantwoordelijkheid voor huisvesting.
Statushouders zijn mensen die een verblijfsvergunning hebben gekregen. Bij de verdeling van de huisvesting over gemeenten geldt een gemeentelijke taakstelling. De tijdelijke opvang via Actie Onderdak roept volgens de vragen de vraag op hoe deze regeling zich tot die bestaande taakstelling verhoudt.
Arnoldus wil daarom weten of het verblijf van maximaal drie maanden meetelt als het voldoen aan een deel van de huisvestingstaakstelling, of dat pas de daaropvolgende reguliere huisvesting wordt meegerekend.
Wie regelt een woning na drie maanden?
De vervolghuisvesting vormt een van de belangrijkste onderdelen van de vragen. De tijdelijke opvang is nadrukkelijk bedoeld voor maximaal drie maanden, maar reguliere woonruimte is niet altijd direct beschikbaar.
FVD wil daarom weten wie na afloop van die periode verantwoordelijk is voor het vinden van een volgende verblijfplaats. De fractie vraagt het college om duidelijk te maken welke verantwoordelijkheid bij het COA ligt en welke bij de gemeente.
Ook vraagt Arnoldus wat de landelijke toezegging dat mensen na drie maanden kunnen doorstromen concreet betekent voor gezinnen die tijdelijk in Alphen aan den Rijn verblijven. Krijgen zij daarna daadwerkelijk een reguliere woning in de gemeente aangeboden, of kan de vervolghuisvesting ook op een andere plek plaatsvinden?
Verder wil de fractie weten welke garantie bestaat dat er na drie maanden passende huisvesting beschikbaar is. Wat gebeurt er als op dat moment geen reguliere woning is gevonden?
De landelijke initiatiefnemers stellen dat de tijdelijke opvang bedoeld is om mensen alvast een plek te bieden in de gemeente waar zij uiteindelijk gehuisvest moeten worden. De precieze uitwerking van de vervolghuisvesting en de verantwoordelijkheidsverdeling voor Alphen aan den Rijn moet echter nog blijken uit de beantwoording van de vragen.
Gevolgen voor woningzoekenden
Ook de mogelijke gevolgen voor andere woningzoekenden komen aan bod. Arnoldus vraagt of deelname aan Actie Onderdak kan leiden tot extra of versnelde aanspraken op de beschikbare sociale huurwoningen in Alphen aan den Rijn.
Als dat zo is, wil de fractie weten wat de gevolgen daarvan zijn voor mensen die al op een sociale huurwoning wachten.
De vraag raakt aan een bredere uitdaging op de woningmarkt: gemeenten moeten verschillende groepen huisvesten, terwijl betaalbare woningen schaars zijn. Naast statushouders zijn er ook andere woningzoekenden die afhankelijk zijn van sociale huur, onder wie starters en mensen die vanwege persoonlijke omstandigheden dringend woonruimte nodig hebben.
Of en in hoeverre Actie Onderdak gevolgen heeft voor de verdeling van sociale huurwoningen in Alphen aan den Rijn, is op basis van de ingediende vragen nog niet vast te stellen.
Wie betaalt de kosten?
De fractie vraagt het college ook om inzicht in de eventuele financiële en organisatorische gevolgen voor de gemeente.
Bij tijdelijke huisvesting kunnen kosten ontstaan voor begeleiding, onderwijs, maatschappelijke ondersteuning, vergunningverlening, toezicht of het aanpassen van locaties. FVD wil weten of dergelijke kosten bij deelname aan Actie Onderdak voor rekening van de gemeente komen, en zo ja, welke bedragen worden verwacht en wie deze betaalt of vergoedt.
De landelijke organisatie heeft bekendgemaakt dat INLIA kerken ondersteunt bij de praktische, juridische en organisatorische aspecten van de opvang. Volgens de Protestantse Kerk zijn er draaiboeken, begeleiding en ondersteuning beschikbaar. Dat neemt niet automatisch weg dat voor iedere locatie afzonderlijk moet worden bekeken welke voorzieningen en gemeentelijke betrokkenheid nodig zijn.
Eisen aan gebouwen en brandveiligheid
Niet ieder kerkgebouw of leegstaand pand kan zonder meer als woonruimte worden gebruikt. Daarom vraagt Arnoldus welke publiekrechtelijke toestemmingen nodig zijn om een kerkgebouw, pastorie of bijgebouw gedurende maximaal drie maanden voor bewoning in te zetten.
Ook wil de fractie weten of vooraf wordt getoetst aan de geldende eisen voor brandveiligheid, het toegestane gebruik van een locatie en andere wettelijke voorschriften.
Daarmee wil FVD duidelijkheid over de voorwaarden waaraan locaties moeten voldoen voordat gezinnen er tijdelijk kunnen wonen.
Onderdeel van bredere huisvestingsopgave
Tot slot vraagt de fractie hoe eventuele opvang via Actie Onderdak wordt meegenomen in het totale overzicht van de gemeentelijke huisvestingsopgave. Daarbij noemt zij niet alleen statushouders, maar ook andere aandachtsgroepen die afhankelijk zijn van sociale of betaalbare woningen.
De vragen richten zich daarmee zowel op de praktische uitvoering van de landelijke actie als op de gevolgen voor het gemeentelijke woonbeleid.
Antwoorden van het college nog afwachten
De schriftelijke vragen zijn op 20 oktober 2026 ingediend. Een beantwoording door het college van burgemeester en wethouders is niet opgenomen in de beschikbare stukken.
Daarom is nog niet duidelijk of de gemeente Alphen aan den Rijn concrete afspraken heeft gemaakt met de initiatiefnemers, of plaatselijke geloofsgemeenschappen zich hebben aangemeld en welke gevolgen deelname kan hebben voor de gemeentelijke huisvestingstaakstelling.
De landelijke actie is inmiddels van start gegaan. De komende periode moet duidelijk worden hoeveel kerken daadwerkelijk ruimte beschikbaar stellen en hoe de tijdelijke opvang in de praktijk wordt georganiseerd.
Voor Alphen aan den Rijn draait het vervolg vooral om de vraag welke rol de gemeente op zich neemt, hoe de afspraken over maximaal drie maanden worden nagekomen en wat er gebeurt als reguliere huisvesting daarna niet direct beschikbaar is.


Als het om daadkracht gaat zijn ze nummer ....heeeeel veeel.
Kampioen in "kluitje in het Riet"..
Waardeloze klup.