Alphen aan den Rijn wil verkeersveiligheid verbeteren: drie gevaarlijkste wegen krijgen voorrang
Afbeelding: Gemeente Alphen aan den Rijn
ALPHEN AAN DEN RIJN – De gemeente Alphen aan den Rijn trekt de komende jaren een nieuwe kaart op het gebied van verkeersveiligheid. Met het verkeersveiligheidsplan 2026-2030 wil de gemeente gevaarlijke verkeerssituaties gerichter aanpakken, fietsroutes verbeteren en de verkeersveiligheid rond scholen vergroten. Daarbij krijgen drie wegvakken met een bijzonder hoog risico op verkeersongevallen prioriteit: de Zuidkade in Boskoop, de Heerewegh in Benthuizen en de Hoogewaard in Koudekerk aan den Rijn.
Het nieuwe verkeersveiligheidsplan, dat op 3 juni 2026 definitief is vastgesteld als beleidsdocument, moet de komende vijf jaar richting geven aan de aanpak van verkeersveiligheid binnen de gemeente. Het college van burgemeester en wethouders heeft het plan op 22 september 2026 onder de aandacht van de gemeenteraad gebracht. Hoewel het vaststellen van het verkeersveiligheidsplan een bevoegdheid van het college is, vindt het gemeentebestuur het belangrijk de raad over de nieuwe plannen te informeren.
De actualisatie volgt op het aflopen van het vorige verkeersveiligheidsplan. Tegelijkertijd wil de gemeente haar aanpak aanpassen aan nieuwe landelijke inzichten. Niet langer moeten uitsluitend locaties waar al ongelukken zijn gebeurd de aandacht krijgen. De gemeente wil vooral ook risico's aanpakken voordat er slachtoffers vallen.
Meer aandacht voor gevaarlijke verkeerssituaties
De gemeente constateert dat de verkeersveiligheid blijvende aandacht vraagt. Uit de analyse voor het nieuwe plan blijkt dat het aantal verkeersslachtoffers in de afgelopen tien jaar is gestegen. Vooral fietsers, jongeren en ouderen vormen kwetsbare groepen binnen het verkeer.
Daarom wordt de aanpak voor de periode 2026-2030 gebaseerd op een combinatie van verkeersgegevens en ervaringen van inwoners. De gemeente heeft onder meer gekeken naar ongevallencijfers, verkeersintensiteiten, gereden snelheden, de inrichting van fietspaden en de ligging van schoolroutes.
Ook meldingen en enquêtes onder inwoners zijn meegenomen. Daaruit blijkt dat vooral de snelheid van gemotoriseerd verkeer veel overlast veroorzaakt. Daarnaast worden slecht onderhouden wegen en fietspaden, gebrekkige openbare verlichting en onveilige oversteekplaatsen regelmatig genoemd.
Inwoners ervaren bovendien op verschillende kruispunten en rotondes onveilige situaties. Onduidelijke voorrangsregels en fietsers die uit twee richtingen komen, zorgen daarbij voor extra risico's.
De gemeente wil deze gegevens voortaan structureel gebruiken om te bepalen waar maatregelen het hardst nodig zijn.
Zuidkade, Heerewegh en Hoogewaard bovenaan de lijst
Een van de belangrijkste onderdelen van het nieuwe verkeersveiligheidsplan is de aanpak van drie wegvakken die volgens de gemeentelijke risicoanalyse een zeer hoog risico op verkeersongevallen hebben.
Het gaat om:
- Zuidkade in Boskoop
- Heerewegh in Benthuizen
- Hoogewaard in Koudekerk aan den Rijn
Deze drie locaties krijgen voorrang bij de uitvoering van infrastructurele maatregelen. Eerst worden de bestaande verkeerssituaties onderzocht en ontwerpen gemaakt voor mogelijke verbeteringen. Vervolgens worden de maatregelen gefaseerd uitgevoerd.
Voor de verkenning en het ontwerp wordt gerekend op ongeveer 100.000 euro per wegvak. De daadwerkelijke herinrichting kan, afhankelijk van de gekozen oplossingen, tussen de 500.000 en 1,5 miljoen euro per wegvak kosten.
De planning voorziet in verkenningen en ontwerpen in 2026 en 2027. In 2027 moet de uitvoering van één of twee wegvakken plaatsvinden en wordt begonnen met het derde project. De precieze uitvoering is afhankelijk van de verdere uitwerking en beschikbare middelen.
Andere risicovolle wegen komen daarna aan de beurt.
Ook tien gevaarlijke kruispunten en rotondes aangepakt
Niet alleen wegen en fietspaden krijgen aandacht. Ook kruispunten en rotondes vormen een belangrijk onderdeel van het nieuwe verkeersveiligheidsplan.
De gemeente wil de tien kruispunten en rotondes aanpakken die op basis van de ongevallencijfers als meest risicovol naar voren komen. De lijst is gebaseerd op een momentopname uit maart 2026.
Bovenaan staat de kruising van de Dr. A.D. Sacharovlaan, de Dr. J.M. den Uylsingel en de Laan der Continenten in Alphen aan den Rijn.
De volledige top tien bestaat uit:
- Dr. A.D. Sacharovlaan, Dr. J.M. den Uylsingel en Laan der Continenten.
- Parelvissersweg, President Kennedylaan en Troubadourweg.
- Australiëlaan, Aziëlaan en Noorderkeerkring.
- N209 en Rijndijk in Koudekerk aan den Rijn.
- Castellumstraat, Laan der Continenten en Prins Bernhardlaan.
- Prinses Beatrixlaan en Prinses Irenelaan.
- Eikenlaan en Magazijnweg.
- Burgemeester Bruins Slotsingel, Groenoord en Marsdiep.
- Bentwoudlaan en Zegwaartseweg in Benthuizen.
- De Gasfabriek, Hoflaan en Prins Bernhardlaan.
De gemeente wil op deze locaties in eerste instantie relatief kleine, gerichte maatregelen uitvoeren. Denk aan het verbeteren van het zicht, het aanpassen van wegmarkeringen en het verlagen van de snelheid.
Deze zogenoemde quick wins moeten de verkeersveiligheid verbeteren zonder dat direct grootschalige reconstructies nodig zijn. Per locatie wordt eerst onderzocht welke maatregelen passend zijn.
Voor de aanpak van de tien kruispunten wordt een globale kostenraming van 5.000 tot 100.000 euro per kruispunt genoemd. De uiteindelijke kosten hangen af van de benodigde maatregelen.
Meer ruimte en betere verlichting voor fietsers
Ook fietsveiligheid neemt een belangrijke plaats in binnen het nieuwe verkeersveiligheidsplan. De gemeente wil de hoofdfietsroutes veiliger, breder en comfortabeler maken.
Uit de analyse blijkt dat een deel van de fietspaden niet voldoende is afgestemd op het aantal fietsers dat er gebruik van maakt. Op sommige plekken zijn de fietspaden te smal of is de kwaliteit van het wegdek onvoldoende.
De gemeente wil daarom het volledige hoofdfietsnetwerk inventariseren. Daarbij wordt gekeken naar de breedte van de fietspaden, obstakels, de staat van de verharding en de aanwezigheid van fietsers die elkaar moeten passeren.
Fietspaden met een breedtelabel D of lager krijgen daarbij bijzondere aandacht. Het doel is om de kwaliteit van het hoofdfietsnetwerk uiteindelijk naar minimaal breedtelabel C te brengen.
Ook de verlichting en de samenhang van fietsroutes worden meegenomen. Vooral drukke fietsroutes en routes die door scholieren worden gebruikt, krijgen aandacht.
De plannen sluiten aan op het bestaande gemeentelijke Programma Fietshart, waarin al een fietsknelpuntenkaart is opgenomen.
Voor de verdere opwaardering van de hoofdfietsroutes is in de periode 2028-2030 een investering van naar schatting 2 tot 6 miljoen euro voorzien.
Schoolzones moeten veiliger worden
Een ander belangrijk onderdeel van het plan is de verbetering van schoolomgevingen. De gemeente wil uiteindelijk bij alle basisscholen en scholen voor voortgezet onderwijs een herkenbare en veilige schoolzone realiseren.
Basisscholen krijgen in eerste instantie prioriteit. Dat betekent niet dat middelbare scholen buiten beeld blijven. Volgens de gemeente laten de ongevallencijfers namelijk zien dat ook jongeren relatief vaak bij verkeersongevallen betrokken zijn.
Een schoolzone kan bestaan uit herkenbare wegmarkeringen, verkeersborden en snelheidsremmende voorzieningen. De inrichting moet automobilisten duidelijk maken dat zij zich in een omgeving bevinden waar veel kinderen en jongeren lopen en fietsen.
In 2026 wil de gemeente de schoollocaties inventariseren en prioriteiten vaststellen. In 2027 moeten de eerste projecten worden uitgevoerd. De uitvoering wordt vervolgens gefaseerd uitgebreid.
Voor de eerste maatregelen wordt een bedrag van 100.000 tot 500.000 euro geraamd. De kosten voor de volledige dekking van schoolzones worden voor de periode 2028-2030 geschat op 300.000 tot 600.000 euro.
Naast infrastructurele maatregelen wil de gemeente ook het gedrag van ouders en scholieren beïnvloeden. Zo moeten campagnes en stimuleringsacties ervoor zorgen dat meer kinderen lopend of fietsend naar school gaan en dat ouders bij het halen en brengen rekening houden met andere verkeersdeelnemers.
Extra aandacht voor oversteekplaatsen
Niet alleen schoolgaande kinderen moeten veiliger kunnen oversteken. Ook ouderen en andere kwetsbare verkeersdeelnemers krijgen nadrukkelijk aandacht.
De gemeente wil daarom bestaande oversteekplaatsen verbeteren en waar nodig nieuwe oversteekvoorzieningen aanleggen.
De aandacht gaat onder meer uit naar locaties in de buurt van zorgcomplexen, wijkcentra en openbaarvervoerhaltes. Juist op deze plekken maken veel ouderen en voetgangers gebruik van de openbare ruimte.
De komende jaren worden de locaties geïnventariseerd en beoordeeld. Vervolgens wordt bepaald waar maatregelen het meest noodzakelijk zijn.
De uitvoering moet worden gekoppeld aan andere projecten, zoals werkzaamheden aan fietsroutes en regulier onderhoud.
Snelheid en verkeersgedrag onder de loep
Naast de inrichting van wegen wil de gemeente ook het verkeersgedrag aanpakken. Uit de inwonerspeilingen blijkt dat te hard rijden een van de meest genoemde bronnen van verkeersoverlast is.
Daarom wordt ingezet op een combinatie van voorlichting, verkeerseducatie en handhaving.
Een van de plannen is om op locaties waar veel te hard wordt gereden, dynamische snelheidsdisplays te gebruiken. Deze zogenoemde smileys tonen automobilisten hoe hard zij rijden en kunnen bijdragen aan bewustwording.
De gemeente wil de verzamelde snelheidsgegevens vervolgens gebruiken om te bepalen waar aanvullende maatregelen nodig zijn.
Ook de politie en buitengewoon opsporingsambtenaren (boa's) krijgen een rol bij de gerichte aanpak van verkeersovertredingen. De aandacht gaat daarbij onder meer uit naar snelheidsovertredingen en het negeren van verkeerslichten.
In 2026 moet een overzicht worden opgesteld van locaties waar dit gedrag structureel voorkomt. Op basis daarvan wordt een handhavingsplanning gemaakt.
De gemeente wil daarnaast campagnes inzetten tegen ongewenst gedrag op fietspaden. Daarbij ligt de nadruk op snelheid, inhaalgedrag en het gebruik van fietsverlichting.
Verkeerseducatie voor jong en oud
Het nieuwe plan richt zich niet alleen op de infrastructuur, maar ook op de verkeersdeelnemers zelf.
De gemeente wil het bestaande verkeerseducatieprogramma voortzetten. Daarin zijn verkeerslessen en projecten opgenomen voor verschillende doelgroepen, waaronder jonge kinderen, basisschoolleerlingen, middelbare scholieren, studenten in het middelbaar beroepsonderwijs en senioren.
Voor ouderen wordt een apart programma opgezet. Met activiteiten en trainingen wil de gemeente senioren ondersteunen om zo lang mogelijk veilig aan het verkeer deel te nemen.
Voorbeelden zijn Doortrappen, OV Opstapdagen en e-biketrainingen. De gemeente wil deze activiteiten onder de aandacht brengen via wijkregisseurs, seniorencomplexen, wijkcentra en zorginstellingen.
De verkeerseducatie wordt de komende jaren afgestemd met regionale en provinciale partners. Daarbij wordt ook gekeken naar subsidiemogelijkheden.
Voor het seniorenprogramma wordt gerekend op jaarlijkse kosten van ongeveer 40.000 tot 80.000 euro. Voor het verkeerseducatieprogramma wordt een jaarlijkse kostenraming van 50.000 tot 120.000 euro genoemd.
Grote investeringen voorzien na 2027
Het verkeersveiligheidsplan maakt onderscheid tussen maatregelen op korte termijn, van 2026 tot en met 2027, en maatregelen op middellange termijn, van 2028 tot en met 2030.
De eerste periode staat vooral in het teken van inventarisaties, ontwerpen, het uitvoeren van kleinere maatregelen en het opstarten van programma's.
Na 2027 wil de gemeente de aanpak verder uitbreiden. Daarbij worden grotere investeringen voorzien.
Voor de periode 2028-2030 noemt het plan onder meer de volgende indicatieve bedragen:
- Aanpak van risicovolle wegen: 3 tot 10 miljoen euro extra.
- Grotere reconstructies van kruispunten en rotondes: 1 tot 5 miljoen euro.
- Herinrichting van wegen met een GOW30-classificatie: 1 tot 3 miljoen euro.
- Opwaardering van hoofdfietsroutes: 2 tot 6 miljoen euro.
- Volledige dekking van schoolzones: 300.000 tot 600.000 euro.
- Structurele gedragsaanpak: jaarlijks 200.000 tot 400.000 euro.
Het gaat om globale ramingen. De daadwerkelijke uitgaven zijn afhankelijk van de verdere uitwerking en de beschikbare financiële middelen.
Uitvoering binnen beschikbare middelen
In de begeleidende brief aan de gemeenteraad benadrukt het college dat de uitvoering van het verkeersveiligheidsplan binnen de beschikbare middelen moet plaatsvinden.
Daarbij wil de gemeente gebruikmaken van subsidies van onder meer de regio Holland-Rijnland, de provincie Zuid-Holland en het Rijk.
Door verkeersveiligheidsmaatregelen te combineren met gepland onderhoud en andere werkzaamheden in de openbare ruimte, hoopt de gemeente de beschikbare middelen zo efficiënt mogelijk in te zetten.
De financiële verantwoording verloopt via de reguliere planning-en-controlcyclus van de gemeente.
Dat betekent dat de uitvoering mede afhankelijk is van de beschikbare capaciteit, de financiering en de mogelijkheden om projecten te combineren.
Eerdere plannen niet volledig uitgevoerd
Het nieuwe verkeersveiligheidsplan bouwt voort op het vorige plan, dat betrekking had op de periode 2021-2026.
Een evaluatie door de Rekenkamer in de eerste maanden van 2026 bracht in beeld welke maatregelen uit het eerdere plan zijn uitgevoerd en waar nog werk aan de winkel is.
Het college heeft aangegeven zich te herkennen in de bevindingen van de Rekenkamer. Volgens het gemeentebestuur zijn met de beschikbare middelen en capaciteit resultaten bereikt, mede dankzij subsidies en het combineren van werkzaamheden.
Tegelijkertijd lukte het niet altijd om de meest onveilige situaties snel aan te pakken.
De maatregelen die nog niet zijn uitgevoerd, worden daarom meegenomen in het nieuwe verkeersveiligheidsplan.
Daarmee wil de gemeente voorkomen dat eerder geconstateerde verkeersveiligheidsproblemen uit beeld verdwijnen.
Tweejaarlijkse evaluatie van de aanpak
De gemeente wil de komende jaren niet alleen maatregelen uitvoeren, maar ook regelmatig beoordelen of de gekozen aanpak nog aansluit bij de verkeersveiligheidsproblemen.
Daarom wordt voorgesteld om jaarlijks de voortgang te monitoren en eens per twee jaar de volledige aanpak opnieuw te beoordelen.
Bij die heroverweging worden onder meer de gebruikte risico-indicatoren en de prioriteiten opnieuw bekeken.
Ook veranderingen in verkeersgedrag, nieuwe voertuigtypen en ontwikkelingen in woongebieden kunnen aanleiding zijn om de aanpak aan te passen.
Daarnaast wil de gemeente de beschikbare verkeersgegevens verder uitbreiden. Niet alle informatie die nodig is voor een volledige analyse is momenteel beschikbaar. Zo ontbreken op sommige plekken gegevens over voorrangsregelingen en de breedte van trottoirs.
Door gegevens beter te verzamelen en te combineren, moet het in de toekomst mogelijk worden om verkeersveiligheidsrisico's nauwkeuriger in kaart te brengen.
Verkeersveiligheid moet onderdeel worden van nieuwe ontwikkelingen
Een belangrijk uitgangspunt van het nieuwe plan is dat verkeersveiligheid niet pas aan het einde van een bouw- of herinrichtingsproject aan bod komt.
De gemeente wil de verkeersveiligheidsprincipes daarom opnemen in DALI, de digitale Database Applicatie Leidraad Inrichting. Deze applicatie bevat informatie en richtlijnen voor de inrichting van de openbare ruimte.
Door de uitgangspunten in DALI te verankeren, moeten ze ook worden meegenomen bij nieuwe gebiedsontwikkelingen en projecten van externe partijen.
Daarmee wil de gemeente voorkomen dat nieuwe wijken en infrastructuur later opnieuw aangepast moeten worden vanwege verkeersveiligheidsproblemen.
College informeert gemeenteraad over nieuwe koers
Met de brief van 22 september 2026 heeft het college de gemeenteraad geïnformeerd over het geactualiseerde verkeersveiligheidsplan.
Het college benadrukt dat het plan niet alleen bestaat uit aanpassingen aan wegen, fietspaden en de openbare ruimte. Ook verkeerseducatie, bewustwordingscampagnes en handhaving maken er deel van uit.
De verantwoordelijkheid voor verkeersveiligheid ligt volgens het college niet uitsluitend bij de gemeente. Ook inwoners en andere verkeersdeelnemers hebben daarin een rol.
Het verkeersveiligheidsplan is een collegebevoegdheid. De gemeenteraad is met de brief op de hoogte gebracht van de nieuwe aanpak en de voorgenomen uitvoering.
Stapsgewijs werken aan veiliger verkeer
Met het verkeersveiligheidsplan 2026-2030 wil Alphen aan den Rijn de komende jaren werken aan een herkenbaarder en veiliger verkeerssysteem.
De eerste prioriteit ligt bij de drie wegvakken met het hoogste risico. Daarnaast staan de aanpak van tien risicovolle kruispunten, veiligere fietsroutes en schoolzones op de agenda.
Tegelijkertijd wil de gemeente investeren in verkeerseducatie, gedragsverandering en gerichte handhaving.
De uitvoering wordt verdeeld over meerdere jaren en is afhankelijk van de beschikbare financiële middelen en subsidiemogelijkheden. Door de voortgang jaarlijks te volgen en de aanpak iedere twee jaar opnieuw te beoordelen, wil de gemeente waar nodig kunnen bijsturen.
Het uiteindelijke doel is dat inwoners zich in 2030 veiliger kunnen verplaatsen, ongeacht hun leeftijd of de manier waarop zij aan het verkeer deelnemen.

